Die nacht die alles veranderde
Stel je voor dat je een karaokebar uitstapt en nooit meer dezelfde persoon bent. Dat overkwam Jason Padgett op 13 september 2002. Hij was gewoon een vent die futons verkocht in Washington State. Niets bijzonders. Totdat twee mannen hem onverwachts aanvielen.
Daarna ging het mis. Hij kreeg dwangklachten, paranoia en zware somberheid. Zo erg dat hij lakens over alle ramen spijkerde. Laag na laag. Iedereen die ooit een zware klap te verwerken heeft gehad, herkent dat gevoel: je wereld wordt kleiner en donkerder.
Maar toen gebeurde er iets heel vreemds.
Een wiskundige ontwaking
Terwijl hij herstelde, begon Padgett overal patronen te zien. Cirkels, lijnen, breuken. De natuur leek hem ineens vol te zitten met wiskundige regels. Hij zag wat hij noemt ‘de schoonheid van het heelal’ in getallen en vormen.
Hij had nooit gestudeerd. Toch begon hij wiskundelessen te volgen aan een plaatselijke hogeschool in 2006. Hoe verder hij kwam, hoe sterker zijn talent groeide. In 2011 zat hij al conferenties in Europa te bezoeken en liet hij zijn hersenen onderzoeken.
Bij die onderzoeken zagen wetenschappers iets opvallends. Toen hij echte wiskundige taken deed, lichtte alleen de rechterkant van zijn hersenen op. Bij nonsenswiskunde gebeurde dat aan beide kanten. Het was een teken dat er echt iets anders was veranderd.
Een zeldzame aandoening
Wat Padgett heeft, heet ‘acquired savant syndrome’. Een uiterst zeldzame aandoening. Er zijn wereldwijd maar zo’n vijftig gevallen bekend. Het ontstaat na een hersenletsel: een beroerte, ziekte of, zoals bij hem, een fysieke aanval.
Het is niet de soort talenten die je kent van de film. Daar worden mensen met superkrachten geboren en hebben ze vaak ook grote beperkingen. Bij acquired savant syndrome verlies je iets, maar krijg je iets anders terug. Soms wiskunde, 有时候 art, 때때ا tijd.