Eindelijk: Mijn week met de iPhone Duo
Als je de tech-wereld volgt, weet je dat 2026 tot nu toe een beetje een saaie boel was. We hadden het over kleine verbeteringen: een iets betere camera hier, een scherm dat minder reflecteert daar. Maar niks waarvoor je echt je portemonnee trekt.
Dat is deze week eindelijk veranderd.
Apple heeft de iPhone Duo gelanceerd, hun allereerste vouwbare telefoon. Normaal gesproken ben ik bij de eerste versie van een nieuw concept de eerste die roept: "Wacht even! Koop dit nog niet! Het is vast een buggy puinhoop." We kennen het allemaal: de eerste generatie van alles is vaak een experiment. Maar Apple heeft hun eigen gouden regel gebroken. Dit ding is bizar goed afgewerkt.
Magie in je hand
Laten we het over de hardware hebben, want daar zit de echte innovatie.
Als de telefoon dichtgeklapt is, heb je een compact apparaat van 5,4 inch. Het voelt heel vertrouwd aan, bijna als de oude 'mini' iPhones waar we zo van hielden. Maar zodra je hem uitvouwt, sta je oog in oog met een gigantisch scherm van 7,6 inch.
En hier komt de truc: het binnenste scherm heeft een matte 'nano-texture' finish. Apple gebruikt dit soort techniek al in hun dure studiemonitoren, en in een telefoon is dit een enorme verbetering. Het voorkomt hinderlijke reflecties, je ziet nauwelijks vingerafdrukken en – het allerbelangrijkste – de 'crease' (die irritante inkeping in het midden van vouwbare telefoons) is bijna onzichtbaar. Ik heb tien minuten lang alleen maar met mijn duim over het scherm gestreken. Het voelt premium, totaal niet als goedkoop plastic.
Ook een compliment voor de camera-plaatsing. Waar de meeste vouwbare telefoons een lelijke zwarte 'gat' in het scherm hebben, heeft Apple de camera zo naadloos in het display verwerkt dat je hem nauwelijks ziet zitten.
Software die wél werkt
Een groot scherm is waardeloos als de software eruitziet alsof hij met plakband op het scherm is geplakt. Ik was bang dat iOS 27 de vreemde vorm van de Duo niet aan zou kunnen, maar Apple heeft echt huiswerk gedaan.
Multitasking gaat verrassend soepel. Ik kon een video-call doen op de ene helft van het scherm, terwijl ik op de andere helft mijn notities doorliep. De overgang tussen het kleine buitenste scherm en het grote binnenste scherm is naadloos; je begint een taak op het kleine scherm en 'ontvouwt' de app simpelweg als je de telefoon opent. Het voelt natuurlijk aan, niet geforceerd.
Die bevredigende 'klik'
En dan is er nog het scharnier. Dit is een technisch meesterwerk. Het is niet zomaar een scharnier; het is een complex stuk mechaniek dat precies de juiste weerstand biedt. Je kunt hem half openzetten om even snel een melding te checken, maar hij blijft stevig staan. En als je hem helemaal uitvouwt, hoor je een heerlijke, solide 'klik'. Dat geeft je direct het gevoel dat alles perfect op zijn plek zit.
Mijn oordeel: Is hij perfect? Nee, niets is perfect. Sommige apps zijn nog niet geoptimaliseerd voor deze nieuwe vorm, dus je ziet af en toe een zwart balkje onderin je scherm. Maar vergeleken met alles wat er nu op de markt is, speelt de iPhone Duo in een andere klasse. Dit is de eerste vouwbare telefoon die niet voelt als een wetenschappelijk experiment, maar als een echt afgewerkt product.
Als je de enorme wachttijd voor de pre-orders kunt overleven: het is de hype meer dan waard.